Nolde, een legende

11 april 2019

Hamburger Bahnhof. Persconferentie over de tentoonstelling ‘Emil Nolde: Eine deutsche Legende. Der Künstler im Nationalsozialismus.’ Ik maak een foto van een van Noldes notities in de vitrine: ‘Hitler is tod (sic). Er war mein Freund’ (6 mei 1945). Nolde was een nazi in hart en nieren, een partijlid dat tijdens het nationaalsocialisme Duitsland van de joden wilde zuiveren. Hij ervoer het als een schande dat zijn werk onder Hitler tot de ‘entartete Kunst’ werd gerekend. Daarvan maakte Nolde (1867-1956) na 1945 gretig gebruik om zich als tegenstander van de nazi’s te stileren, waarin hij met de hulp van zijn vrienden aardig slaagde, hoewel het een leugen was. Hoogtepunt van die maskerade was het verschijnen van Deutschstunde (1968) van Siegfried Lenz, die waarschijnlijk te goeder trouw maar hopeloos naïef was toen hij Nolde in het fictieve personage van de schilder Max Ludwig Nansen ophemelde. Nog in het jaar van Deutschstunde schreef een zekere Helmut Schmidt aan Siegfried Lenz dat Noldes opname in de NS-expositie ‘Entartete Kunst’ bij hem als zeventienjarige de breuk met het nationaalsocialisme had uitgelokt, ook een leugen. Iedereen die dat wilde had kunnen weten wat voor vlees hij met Nolde in de kuip had, maar iedereen kneep de ogen dicht, behalve de kunstcriticus Adolf Behne, die Nolde ter gelegenheid van diens tachtigste verjaardag in 1947 een ‘entartete Entartete’ noemde. Bij de publicatie van Welt und Heimat (1965) en Reisen, Ächtung, Befreiung (1967) bij Dumont lieten de uitgevers van Noldes gekuiste memoires weten dat ze enige veranderingen hadden doorgevoerd om ‘bepaalde passages die door de historische ontwikkeling achterhaald zijn… te elimineren.’ De vandaag geopende tentoonstelling, die een definitief einde aan de Nolde-legende maakt, loopt tot 15 september. Een paar dagen geleden heeft bondskanselier Angela Merkel twee doeken van Nolde die in het Bundeskanzleramt in bruikleen hingen haastig aan de musea geretourneerd. Nolde: een kunstenaar, verteerd door eerzucht, barstend van de leugens, een getalenteerde opportunist die met de borstel in de hand iedereen een oor probeerde aan te naaien.

 

Advertenties

Stroom

3 april 2019

Wegens de talloze stroomonderbrekingen in Venezuela heeft president Maduro zijn onderdanen opgeroepen geen haardrogers meer te gebruiken.

 

Oikofobie

25 maart 2019

Oikofobie: heeft niets met wijn te maken, maar stijgt ook naar het hoofd; besmettelijke ziekte die als een olievlek over Europa uitdijt, verspreid door de aanhangers van Thierry Baudet die zopas ontdekt hebben dat het lelijke gezicht dat ze in de spiegel zien het hunne is. Er is geen kruid tegen gewassen, ook geen buskruit.

 

Newspeak

13 maart 2019

Een vraag aan de ‘sensitivity reader’, zoals de censor in de newspeak van de uitgevers tegenwoordig heet: mag ik de penis van een zwarte die zichzelf de geuzennaam ‘neger’ heeft toebedeeld een zwarte piet noemen?

 

Réfutation

12 maart 2019

Niet minder dan drie keer haalt de criticus Sainte-Beuve uit naar Flauberts ‘Salammbô’. In zijn Réfutation, die hij in de ‘Nouveaux Lundis’ (23 december 1862) publiceert, weerlegt Flaubert de bedenkingen van Sainte-Beuve, die hij vluchtig bedankt voor zijn moeite: ‘Je vous remercie des marques d’affection que vous me donnez, et, passant par dessus les politesses, je commence mon Apologie.’ Flaubert gaat dan punt voor punt in op alle bezwaren van Sainte-Beuve, voor wie hij al zijn historische bronnen opsomt. Zijn doel en werkwijze verklaart hij in de beroemde zin: ‘Moi, j’ai voulu fixer un mirage en appliquant à l’Antiquité les procédés du roman moderne, et j’ai tâché d’être simple. Riez tant qu’il vous plaira.’ Flaubert betrapt Sainte-Beuve op enkele contradicties als de criticus beweert dat de schrijver niet in staat is een waarschijnlijk beeld van Carthago op te roepen, terwijl Flaubert volhardt dat hij op basis van zijn bronnen, aangevuld met zijn verbeeldingskracht, wel degelijk een Carthago beschrijft zoals het had kunnen zijn. Flaubert heeft er geen moeite mee om zelf voor de dag te komen met een passage waarin hij de geschiedenis wel moest vervalsen: ‘Tel est, cher maître, ce qu’il y a, selon moi, de pire dans mon livre.’ Flauberts conclusie over de toestand van de letteren in la douce France is bitter: ‘Et puis mon exemple sera peu suivi. Où donc alors est le danger? Les Leconte de Lisle et les Baudelaire sont moins à craindre que les… et les… dans ce doux pays de France où le superficiel est une qualité, et où le banal, le facile et le niais sont toujours applaudis, adoptés, adorés. On ne risque de corrompre personne quand on aspire à la grandeur. Ai-je mon pardon?’ Aan het slot volgt nog een gepekelde bedanking van Flaubert: ‘Je termine en vous disant encore une fois merci, mon cher maître. En me donnant des égratignures, vous m’avez très tendrement serré les mains, et bien que vous m’ayez quelque peu ri au nez, vous ne m’en avez pas moins fait trois grands saluts, trois grands articles très détaillés, très considérables et qui ont dû vous être plus pénibles qu’à moi. C’est de cela surtout que je vous suis reconnaissant. Les conseils de la fin ne seront pas perdus, et vous n’aurez eu affaire ni à un sot ni à un ingrat. Tout à vous, Gustave Flaubert.’

 

In de bus

5 maart 2019

In de bus weer iemand die zijn plaats wil afstaan, weer zo’n snotneus die er tien jaar ouder uitziet dan ik.

 

Roundheads

1 maart 2019

Om het gemakkelijk terug te kunnen vinden had ik in mijn met krabbels gevulde notitieboekje een cirkel rond het woord ‘roundheads’ getrokken.

 

Paradijs

28 februari 2019

Vanochtend donderde ik bijna van mijn stoel toen in het rek hoog boven mijn hoofd naar Dantes Paradiso greep.

 

Prothesen

24 februari 2019

Een grote was gedaan en op alle mogelijke plaatsen opgehangen omdat het droogrek onvoldoende ruimte biedt: dus op en over de ruggen van stoelen, aan deurklinken, spanjoletten, het uiteinde van een staande lamp, een bronzen klauw en andere uitsteeksels. De dingen zijn in deze context niet alleen prothesen, ze reiken ons ook de hand, hoe volmaakt of verminkt ze ook zijn.

 

Lichtje

23 februari 2019

Tsjechov, geparafraseerd: ‘Voor het lichtje in de verte, daar leven we voor.’