Formuleerkunst

19 januari 2018

Door het perspectief van zijn formuleerkunst maakt de schrijver van gemeenplaatsen openbaringen.

 

Advertenties

Formulering

17 januari 2018

Doorgaans formuleer ik een gedachte. Maar soms wil de formulering zelf iets zeggen, en ben ik enkel medium.

 

 

Hemel en hel

16 januari 2018

De hel kan ik me alleen maar voorstellen als een plek waar ik niet alleen ben. De hemel bijvoorbeeld.

 

The Bright Side of Life

11 januari 2018

In de korte roman ‘Leben im Winter’ (1980) van Klaus Schlesinger, die zich afspeelt in het Oost-Berlijn van na de bouw van de Muur, gaapt op het plein tegenover het huis van Martha een leegte. Door een geallieerd bombardement zijn de huizen er in de oorlog weggemaaid. ‘Op een keer, toen ze tijdens de zondagse koffieklets in de erkerkamer zaten, had Martha gezegd: kijk, er was toch ook nog iets goeds aan de oorlog, anders hadden we nu niet de hele namiddag zon gehad.’

 

A Stable Genius

9 januari 2018

Van het succes van ‘Fire and Fury’ profiteert ook een studie die niets met Michael Wolffs Trump-boek te maken heeft. Het gaat om een werk van de Canadese historicus Randall Hansen, die in 2009 een boek publiceerde over de geallieerde bommenraids op nazi-Duitsland, een essay dat eveneens ‘Fire and Fury’ heet. Sinds de publicatie van Wolffs bestseller is ook de verkoop van zijn boek drastisch gestegen, meldt Hansen in een tweet. Niet altijd zijn de kopers van diens boek het slachtoffer van een misverstand. Een Julie uit NY reageerde op de tweet van Randall Hansen zo: ‘I never looked for the Michael Wolff book, but after seeing your tweet I bought a copy of yours. I’ve been reading it all afteroon. It’s quite good.’ En een zekere Matt Knight richtte zich rechtstreeks tot de auteur van het in 2009 gepubliceerde ‘Fire and Fury’ met de woorden: ‘You must be a stable genius of a sort to have had the foresight to name your book thus.’

 

Vorm

8 januari 2018

Niet de areligiositeit, maar de vormloosheid is het voorstadium van het nihilisme.

 

Cioran

7 januari 2018

Als ik gedeprimeerd ben, grijp ik naar Cioran, en geef me over aan zijn zwarte licht, dat me in de vervoering brengt die Socrates bij het legen van de dollekervelbeker, de Schierlingbecher, heeft genoten. Hoe komt het dat de lectuur van de ‘Odyssee van de rancune’ me opbeurt, vrolijk en zelfs gelukkig maakt? Leopardi geeft er een antwoord op waar hij in zijn Zibaldone zegt dat geniale werken, zelfs als ze uitdrukking geven aan de verschrikkelijkste wanhoop, je al was het maar voor een ogenblik het leven teruggeven dat je verloren had.

 

Zyankali

5 januari 2018

​De kleine ontdekkingen die ik op mijn speurtochten maak geven me nog altijd een kick: op de hoek van de Solms- en Gneisenaustraβe in Kreuzberg kwamen de SA’ers in de jaren dertig bijeen in de beruchte kroeg Zur Hochburg. Dat is nog altijd een Eckkneipe, die nu Zyankali heet.

 

Soorstraße 106, Westend

4 januari 2018

Als ik geen dagboek zou bijhouden, zou ik in Westend nooit de Soorstraβe hebben afgedweild. De Soorstraβe vormt het decor van Annemarie Webers roman Westend uit 1966. Elsa beleeft er in de lente van 1945 de invasie van het Rode Leger. Ze wordt verschillende keren verkracht door Sovjet-soldaten. (Een Berlijnse roept: ‘Man kann nicht ewig Jungfrau bleiben!’ en een andere vrouw is beledigd omdat ze geen beurt krijgt: ‘Nun stehe ich schon eine halbe Stunde hier. Ich bin wohl schon zu alt!’) Ik vroeg me af of hoe realistisch de topografie van de roman was. Weliswaar verwachtte ik niet een spoor terug te vinden van het huis Soorstraβe 106, waarin Elsa woont. In de roman gaat dat huis in de vlammen op nadat het is gebombardeerd. Maar er is in het boek ook sprake van een uitgestrekt kazerneterrein naast het afgebrande huis. Daarvan zouden nog resten kunnen bestaan, als Annemarrie Weber haar fantasie op de werkelijkheid heeft geënt. Ik begaf me dus op weg, nam de S-Bahn en stapte uit in Westend, Spandauer Damm, die westwaarts lichtjes klimt. Ik stapte de Soorstraβe zuidwaarts af, richting Theodor-Heuss-Platz (die in Westend nog Adolf-Hitler-Platz heet) en zag op mijn linkerkant meteen een complex van bakstenen gebouwen waarin de Bundesanstalt Technisches Hilfswerk, het Hauptzollamt für Prüfungen en het boeddhistische Rigpa-Zentrum gevestigd zijn. Mijn vermoeden dat het om de voormalige kazernegebouwen uit Webers roman ging werd bevestigd toen ik op de binnenplaats een monument voor de gevallenen (Königgrätz, Sedan) uit het regiment Königin Elisabeth van Pruisen voor me zag oprijzen: een bronzen grenadier met geheven regimentsvlag. Dat zou het vermelden niet waard zijn als ik niet op een bijzondere manier bij mijn kleine speurtocht betrokken was. Want wellicht was ik de enige mens in heel Berlijn en wellicht in de hele wereld die zich door de lectuur van een al lang uitverkochte Berlijn-roman over 1945 geprikkeld voelde om de omgeving van de Soorstraβe, incluis Eschenallee, Branitzer Platz, Königin Elisabethstraβe en Luisenfriedhof II te exploreren, met geen ander doel dan er iets in mijn dagboek over te schrijven, op voorwaarde dat mijn intuïtie me niet bedrogen had.