De inzet van de strijd

7 februari 2017

Het zou verkeerd zijn om zich al te zeer te verdiepen in de newspeak van Trump. We moeten zijn woorden meteen correct vertalen, zodat we geen tijd verliezen met het raden naar bedoelingen of betekenissen die er niet zijn. Als Trump beweert dat hij elite en establishment aanpakt, bedoelt hij, juist vertaald, dat hij uit is op de vernietiging van de rechtsstaat, het slopen van de scheiding der machten, de opheffing van de checks and balances. Alleen zo kan men begrijpen dat Trump zonder enig protest van zijn aanhang Goldman Sachs in zijn team haalt en dat hij een decreet tekent waarbij de bankenreglementering weer wordt gedereguleerd. Dat zijn rustbeltaanhangers, die er het eerste slachtoffer van zijn, daar geen enkel bezwaar tegen hebben (zo ze het al weten), hoeft toch geen enkele verbazing te wekken als men beseft dat de vernietiging van de constitutie het eigenlijke doel is van hun ‘engagement’, ook als ze dat zelf niet zo zouden willen of kunnen formuleren. Nooit eerder stonden de Verenigde Staten zo dicht aan de afgrond van de dictatuur. Alles ligt nu in de handen van de rechters, aangezien het Congress – met uitzondering van enkele overjarige Republikeinen die niets meer te verliezen hebben – verstek laat gaan, alsof Washington al Ankara of Moskou is.
Overigens zou het verkeerd zijn te denken dat Trump de Republikeinen leidt: de president is niet de leider van de partij, maar van een beweging; hij is het hoofd van de Dirty Dozen die zich ongestraft van de partij bedienen om hun aanhang met hun perversiteiten te spijzen.
Het crapuul valt niet noodzakelijk samen met de onderste maatschappelijke laag, maar het schuimt in alle geledingen van de samenleving, waarin talloze intellectuelen en gediplomeerden (ook juristen) bereid zijn om alle morele normen ten gunste van hun carrière overboord te gooien. De historische voorbeelden voor ‘la trahison des clercs’ zijn legio.
Het ziet er dus naar uit dat de echte en vermeende verliezers van de globalisering – maar dus niet alleen zij – bloed willen zien, een hunkering die ondergeschikt is aan hun verlangen naar sociale rehabilitatie of meer sociale rechtvaardigheid. Ze zijn uit op het botvieren van rancune en ressentiment omdat de Democraten al te lang getalmd hebben om de oorzaken van hun frustraties te verhelpen. Wraak is de ware verkiezingsbelofte die Trump nu tot grote tevredenheid van zijn aanhangers inlost, waarbij hij hun allerlaagste instincten mobiliseert, (een onderneming waarin de kwade genius Steve Bannon de eerste viool speelt.) Nogmaals, het zal de verliezers van de globalisering, wier geduld op is, een zorg wezen dat Trump de verzuchtingen van Goldman Sachs bedient, als hij maar de hefboom van de wraak in beweging zet. Op die golf van frustraties probeert al het uitschot (Bannon studeerde aan de Harvard Business School) te surfen waaraan Amerika rijk is.
In Frankrijk zien we iets gelijkaardigs: het kan de aanhangers van het Front National niet schelen dat Marine Le Pen corrupt is, dat Poetin haar zakken vol geld toeschuift of dat ze de financiële toelagen van het Europese parlement schaamteloos misbruikt. Haar aanhangers juichen dat juist toe, als het Le Pens greep naar de macht maar vergemakkelijkt en versnelt. De schandalen die Fillon onderuit halen (en bijgevolg Le Pens aanhang vergroten) zijn eigenlijk dezelfde schandalen waarvoor Le Pen op het applaus en de felicitaties van haar aanhang kan rekenen.
De frontlijnen in de samenleving lopen, nu het erop aankomt, niet meer tussen links en rechts of andere polen, maar tussen de aanhangers van de rechtsstaat en zijn terminatoren, die het grondwettelijke recht willen wegspoelen.
In die omstandigheden mist helaas ook de Duitse SPD-kandidaat voor het kanselierschap, de retorisch begaafde populist Martin Schulz, de zenuw van de tijd. Hoe belangrijk die ook is: niet de sociale gerechtigheid is de voornaamste inzet van de electorale kamp in Duitsland of – wat Schulz toch zou moeten weten – in Europa, maar de strijd om de maatschappelijke (voor)waarden die de sociale gerechtigheid mogelijk maken. In dat opzicht hebben alle Europese politici gefaald die Trump nu met zoveel verbaal geweld aanvallen: de Schulzen, de Junckers, de Tusks, de Verhofstadts, de Webers. Ze hebben niet de moed of de fut – zie de verkiezing van de berlusconist Tajani tot voorzitter van het Europese parlement – om de EU-clowns (Kaczyński, Orbán), hun partijen of bewegingen (PiS, Fidesz) en hun regeringen, in eigen huis op hun ellendige nummer te zetten.

 

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: