Wat een mooie zondag

27 september 2016

Eergisteren op het terras van de Stuttgarter Platz. Waar anders dan op de Stuttgarter Platz, waar anders op zo’n mooie, zondoorschenen dag? Bij een cappuccino en een croissant, op het middaguur, met een krant op een vol terras van café Leonhardt. Wat een mooie zondag! Het is marathon in Berlijn, de zomer heeft de eindspurt al ingezet. Naast mij aan een tafeltje twee mannen en twee vrouwen in conversatie, ontbijtend ook. Na gedane zaken schuift een van de mannen zijn bord met etensresten, waaronder afgekauwde frullen fruit, op de lege ruimte van mijn tafel, maar ik retourneer met de beleefde opmerking: ‘Ik heb uw wespen niet nodig.’ Aan de overkant een bejaarde man met dikke brillenglazen, in bretellen. Op zijn tafel staan twee grote kommen koffie, twee reusachtige ijsbekers, twee glazen jus. Maar er komt geen tegenover en de man speelt alles doodgemoedereerd naar binnen, niet na maar door elkaar, en soms steekt hij zijn tong ver uit zijn mond en controleert of hij alles op heeft. Hij eet morsig, de drank klotst over de randen op zijn broek, de koffie in de schaaltjes, waarvan hij de inhoud naast zich op de grond kiepert, alsof daar een dorstig hondje zit. Dan staat de man op, gaat naar binnen, niet gebogen, maar gedeukt, zich vastklampend aan de armen van zijn stoel, zijn achterwerk in de zitting gedrukt. Hij transpireert van de inspanning. Even later krult de spaghetti als zeewier uit zijn hoofd. Ik ben zo onder de indruk van zijn eetlust dat ik nu zelf een tweede croissant bestel en de krant niet meer probeer te lezen. Ik een en al oog, hij een en al buik. Daarna wandel ik van de ene antiekzaak naar de andere in de Suarezstraβe en blijf lang staan voor een etalage waarin de vingers van een frêle houten handje een sieraad voor het ophangen van sieraden zijn. In de namiddag de Kirchner-tentoonstelling in het Hamburger Bahnhof, ontleding van het doek Belle Alliance Platz, die nu de Mehringplatz is. Later in de namiddag terug naar mijn uitgangspunt om nu op het terras van café Leonhardt te observeren: een oude spichtige vrouw in een crèmekleurige pantalon, rode schoenen en dito handtas, een bordeaux hemd van brokaat met oosterse drakenmotieven en een strooien hoed die aan haar tafeltje uit een tenger doosje een Davidoff opsteekt en een tapijt van rook creëert waarop ze zal wegzweven zodra ik mijn blik afwend. Ik had graag in de Maufel in de bescheiden Leonhardtstraβe een dorade met een Orval genuttigd, maar het restaurant is dicht. Wat een mooie zondag toch.

 

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: