Safranski etc.

25 november 2015

Afgelopen zondagmiddag  een boeiend gesprek met Rüdiger Safranski op Deutschlandfunk. Over zijn West-Berlijnse studentenjaren. Hij maakte Kennedy mee op het Schöneberger stadhuis, juni 1963. Naast Kennedy leek Adenauer op een ‘alte Indianerfrau,’ aldus Safranski, die daarmee niet alleen een nationale (Adenauer/Brandt), maar ook een globale politieke en maatschappelijke paradigmawisseling beschreef. Destijds was er nog geen sprake van anti-amerikanisme onder de jonge Duitse intellectuelen. De nieuwe Freie Universität in West-Berlijn was overigens een campusuniversiteit naar Amerikaans model. Er waren go-ins, sit-ins en teach-ins, het woordgebruik was Amerikaans. De studenten droegen T-shirts, parka’s en turnschoenen uit de Amerikaanse PX-winkels (Post Exchange). De Club International, waar de GI’s vertoefden, was een geheime amusementstip. De jongeren luisterden naar Dylan, Baez en de Stones. Het anti-amerikanisme stak pas de kop op door het Amerikaanse aandeel in de Vietnamoorlog: toen ontstond de kreet USA-SA-SS en de Mao-cultus. Toen behoorde het libertaire stadium van de studentenbeweging al tot het verleden, een overgang die misschien nog het best beschreven wordt door de toenmalige even populaire als dogmatische machoslogan ‘Wer zweimal mit derselben pennt, gehört schon zum Establishment’ (‘Wie twee keer met dezelfde slaapt, behoort al tot het establishment’).

*

Een mooie Safranski-term voor de media: observatieprothesen.

*

Later in de Berlinische Galerie: Max Beckmann in Berlin. Rondleiding. Mijn gezellin vertelt me achteraf bij de koffie over haar tante  die zich na de dood van haar man op haar 88ste haastig opmaakte om de wereld rond te reizen: ‘Stel je voor dat ik morgen een arm breek!’

 

Advertisements

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: