Mannen met baarden

10 juni 2015

Een goede maand geleden, op Korfoe, zaten mijn voeten onder de blaren na lange wandelingen, eerst van Notos naar Boukari en terug, de volgende dag in de hoofdstad Kerkyra. Het leek wel of ik op eieren kon lopen, hardgekookte. Een goede ziel bracht me met de auto van Notos naar Perivoli, waar Cleo mijn haar zou knippen. Cleo was een jonge Griekse die als laatst toegetreden lid van het lokale gilde alleen maar mannen knipte omdat ze geen herrie wilde met de drie ingezeten kapsters die het al op dames toelegden. Met Cleo had ik al eerder kennis gemaakt in Notos, zodat ik haar aanbod niet al te raar vond om mijn voeten in een frisse teil te weken terwijl ze mijn haar en wenkbrauwen knipte en me vervolgens ook nog schoor. Daarna boog ze zich over mij heen en waste tot mijn verrassing ook mijn voeten, zodat ik erbij zat als de heer die door de zondares Maria Magdalena werd behandeld, met dat verschil dat ik meer zin had om zelf een zonde te begaan dan er een te vergeven, als ik dat had gekund. Daaraan moest ik vanmorgen denken toen ik me in de Sundgauer Strasse stond te scheren, en zonder dat ik daaraan iets kon doen schoot me het baardverhaal te binnen van Heinrich von Kleist over de zieke generaal Dieringshofen in Frankfurt an der Oder, die mordicus begraven wilde worden in de toestand waarin hij overleed, wat hij bij de kapper deed, waardoor hij ingezeept en met een halve baard in zijn kist werd gelegd.  En omdat ik het anders toch vergeet of er verder niets mee kan doen vertel ik nog haastig het verhaal over de jong gestorven schrijver en oorlogsheld Theodor Körner, bekend van het drama ‘Zriny’, die als driejarige zijn ouders had horen zeggen dat echte venten een lange broek en een baard dragen, waarna de kleine Körner zo lang zeurde tot de kleermaker hem zijn broek bracht, bij welke gelegenheid de kleine hem verontwaardigd vroeg: ‘En waar is mijn baard?’

 

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: