Nulla dies sine linea

15 mei 2015

Of de bron voor mijn dagelijkse regel dan nooit opdroogt, en of ik daar geen angst voor heb, vraagt Skylla in de hangmat die het hart lichter en de oogleden zwaarder maakt. Ik praat daar niet graag over, natuurlijk heb ik angst. Ik moet de vraag neutraliseren met het antwoord dat ik erop geef, zodat ze niet meer bestaat. ‘Nooit schrijf ik de regel die ik in mijn hoofd heb,’ zeg ik, ‘ik gooi hem weg als offergave, ik reserveer hem niet voor morgen, ik ben geen vrek. Ik boots de natuur in haar spilzucht na: de enige taal die ze begrijpt.’ Maar dan aarzel ik in Notos, ik weet niet of ik de waarheid zeg, of een leugen niet oprechter is. Nog altijd weet ik niet of dat weggooien een uiting van extreme luiheid of sublieme ijver is.

 

Advertisements

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: