Spirido

10 mei 2015

Ik moet dus nog iets vertellen over de heilige Spirido. Hij was zo heilig dat er rozen uit zijn graf op Cyprus sprongen. Een zekere Kalocheiritis groef hem op en werd zo de eigenaar van de stoffelijke resten van de wonderdoener. Kalocheiritis naaide het lijk in een zak die hij aan een muilezel vastbond. Dat gezelschap scheepte in naar Korfoe, waar Spirido in zijn dode carrière meer mirakelen deed dan in zijn levende, wat een fantastische bron van inkomsten voor de eigenaar was. Vandaar dat de twee zonen van Kalocheiritis na de dood van hun vader bijna vochten om hun erfdeel, dat alleen uit de mummie bestond. Maar ze kwamen tot een vergelijk: de oudste zoon, Spiro, kreeg de bovenste, de jongste, Spiros, de onderste helft. Dat deed geen afbreuk aan de toverkracht van de heilige, integendeel, ze verdubbelde, want de bovenste helft redde talloze zeelui in nood, terwijl de onderste helft instond voor de intacte potentie van de mannelijke eilandbewoners, die bovendien niet van hun aangeboren luiheid genezen wensten te worden.

Daar had Spirido dus de handen mee vol. Op Korfoe had hij bovendien af te rekenen met de concurrentie van de heilige Theodora, die aan het kortste eind trok, aangezien haar macht zich in de loop van de tijd beperkte tot het injecteren van dromen over verborgen schatten, waardoor het gerucht ontstond dat dromen bedrog zijn. De gelovigen riepen de onderste helft van Spirido daarentegen ook aan in de strijd tegen kinkhoest en luizen. Sommigen baden tot hem voor ze in zee een bad namen, maar dat bekwam hen slecht omdat de heilige Arsenius de patroonheilige van de zwemmers is.

Na de dood van de twee broers werden beide helften weer aan elkaar gehecht. Het hele Spiridolichaam kwam als erfdeel in het bezit van Kalocheiritis’ enige kleinzoon Elia, die in 1598 het lichaam aan de kerk schonk die ik dus in Kerkyra bezocht. Daar kreeg ik haast ruzie met een pope wiens geloof ik in twijfel trok. Ik had namelijk gelezen dat de dode Spirido er met zijn gedachten soms niet bij is, dat hij wonderen voltrekt aan mensen die daar niet om gevraagd hebben, meer nog, dat hij uit verstrooidheid pelgrims bestraft die dat niet verdienen. Ik doel  op het wedervaren van de brave boer Karamanos, die te voet helemaal uit het noorden van Korfoe naar Kerkyra was gekomen om door de heilige Spirido van zijn epilepsie genezen te worden. Maar Spirido verwarde hem met zijn broer Basiel, die werkelijk een rotzak was, zodat Karamanos, ongenezen, en nu ook nog eens met zweren bedekt naar huis terugkeerde, waardoor zijn vrouw in de armen van die Basiel vluchtte.

In de kerk van Kerkyra ging ik in de lange rij gelovigen staan die naar de alkoof stroomden waar de heilige in zijn zilveren kist opgebaard ligt. Ze kussen en strelen het metaal, en werpen een blik op de heilige, die onder een deksel ligt dat twee gaten vertoont. Ter hoogte van hoofd en voeten zijn twee luikjes bevestigd die men open en dicht kan klappen. Aan hoofd- en voeteinde staan twee popes in die duistere kapel liederen te zingen. Door de ene opening van de kist zie je de voetjes van Spirido, die in brokaten pantoffeltjes steken. Het hoofd in de andere opening is helaas onbedekt, want toen ik het zag kwam een afschrikwekkend beeld naar boven dat ik al jaren in mijn onbewuste begraven dacht te hebben: het hoofd van het verbrande aapje uit Elsschots ‘Villa des Roses’. Dat me zoiets in een kerk op Korfoe moest overkomen! In elk geval maakte ik me aan het hoofd van Spirido uit de voeten.

Helemaal onsympathiek is Spirido me nochtans niet. Hij heeft proteïsche, dus heidense, zeg maar polytheïstische eigenschappen. Toen de legers van de Turken eens aan de horizont verschenen, veranderde hij in een zuidweststorm die de indringers terugdreef naar Anatolië. Op een keer, toen de zwarte builenpest uit Napels naar Korfoe was overgewaaid, plantte hij de ziekte over in een zwarte kat die hij naar Italië retourneerde.

Alle pogingen om Spirido van Korfoe te verhuizen naar een plek waar hij nog meer zou renderen zijn tot mislukken gedoemd. Een late telg van Kalocheiritis probeerde hem te ontvoeren om hem in Venetië te verzilveren, maar wendde haastig de steven toen de naam van zijn schip onderweg van de ene op de andere dag veranderde van Calypso in Spirido.

Aan de onbeperkte toverkracht van de heilige blijf ik echter twijfelen, hoewel ikzelf in de kerk geen briefje heb geschreven met mijn wensen erop. Massa’s gelovigen hebben zich de laatste vijfhonderd jaar over de heilige in zijn kist gebogen, over hoofd en voeten. Dat die honderdduizenden ademtochten de mummie niet tot leven hebben gewekt, blijft me zeer verbazen. Dat dit mirakel niet is geschied, blijf ik het grootste wonder vinden.

 

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: