Berlijn is te groot voor Berlijn

5 februari 2015

Een stad begint met een knoop. Uit de knoop ontwikkelt zich het net. Maar is er nog een netwerk als alles tussen de mazen valt? Die vraag werpt Hanns Zischler op in zijn essay ‘Berlin ist zu groß für Berlin’. Dezelfde kritiek tref je aan in het zwartgallige ‘Berlin-Testament’ van de Berlijnse architect Dieter Hoffmann-Axthelm: ‘Berlijn is in Europese standaards de metropool met de geringste densiteit en de grootste infrastructurele uitgestrektheid: 3,4 miljoen inwoners op een oppervlakte van 883 vierkante kilometer. Dat is van meet af aan verspillend: als een kinderloos echtpaar dat zich een appartement van 400 vierkante meter permitteert.’ Die pure uitgestrektheid kost geld, vooral wegens de uitzonderlijke stadsstructuren en de bijbehorende infrastructurele prestaties die daardoor geleverd moeten worden. ‘De stad heeft tot nog toe boven haar middelen geleefd,’ concludeert de auteur. Dat Berlijn te groot is voor Berlijn heeft echter niet altijd in het nadeel van de stad gespeeld. ‘De stad was zo uitgestrekt aangelegd en door zo veel onbebouwde zones onderbroken, dat het voor de bommenvloten moeilijk was om uitgekozen doelen exact te treffen of om grote, samenhangende gebieden in de as te leggen,’ vertelt David Clay Large in ‘Berlin’, de biografie van de stad. In de Tweede Wereldoorlog hadden de aanvalsgolven die de Britten tot eind 1942 op de Duitse hoofdstad vlogen zo weinig effect, dat ze gedurende een jaar onderbroken werden om de capaciteiten op gemakkelijker vernietigbare doelen te concentreren en om technische verbeteringen door te voeren zodat Berlijn doeltreffender verwoest kon worden.

 

Advertisements

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: