Groot verdriet

13 juli 2014

De harde kern van het groot verdriet is de herhaling van wat ons treurig maakt: het malen. Het is een rad dat blijft tollen omdat het in ons hoofd geen weerstand vindt. Het rad zelf drijft onze muizenissen aan. Ons hoofd is de hel. Want daarin is het dat het perpetuum mobile bestaat, zelfs als we dat niet willen. Maar nee, het is er geen, want ooit komt het rad ook daar tot stilstand. En als het eindelijk stilvalt, merken we het nauwelijks, omdat we al met iets anders bezig zijn. Het residu van het groot verdriet heeft de vorm aangenomen van een vraag, een retorische. Hoe kon dat verdriet ons zozeer neerslaan en verlammen, en wat heeft ons bezield om ons erin vast te bijten? Alsof het zich niet in ons had vastgebeten en ons alleen van uitputting heeft losgelaten. Maar als die vraag rijst, is het groot verdriet al opgelost, zodat het al een raadsel is. En in plaats van opluchting en loutering is er ongeloof en misschien zelfs ergernis om wat we ons zelf hebben aangedaan, alsof het niet ons had aangedaan.

Advertenties

Eén reactie to “Groot verdriet”

  1. Bruni Mortier said

    Maar als het waar is dat door grote dromen
    het zwaarst verlangen over wordt gebracht tot op de verste ster
    dan zal ik komen, dan zal ik komen iedere nacht (Slauerhoff)

    Like

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: