Flukken

26 augustus 2013

De DDR was zuiver actionisme. Dat was niet op slagen en niet op mislukken gericht, maar op iets wat daartussen ligt en waarvoor het onbewuste misschien wel een teken, maar de taal geen woord heeft. Dat woord zou ‘flukken’ (een amalgaam van ‘falen’ en ‘lukken’) kunnen zijn. De DDR-economie was op het afmatten gericht, het doel was de moeheid van mens en materiaal, verpakt in ‘Neues Deutschland’. Om te begrijpen wat ik bedoel kun je twee dingen doen. Je leest ‘De eerste en de tweede’ (EPO, 1999) van Landolf Scherzer. Daarin werkt een zekere Hans-Dieter Fritschler, een eerste partijsecretaris, zich als Sisyfus (maar geen gelukkige) te pletter, zonder enig resultaat. Een minder omslachtige methode bestaat in het analyseren van DDR-moppen, waaruit blijkt dat de chronische moeheid van mens en materiaal geen incidenteel defect, maar een opzet was van de ideologie. Samengevat in de vraag: ‘Waarom was het wc-papier in de DDR zo ruw?’ ‘Opdat zelfs het laatste gat rood zou worden.’ Angela Merkel, de eerste en de laatste Bondskanselier die in de DDR gesocialiseerd werd, heeft dat fenomeen ooit als volgt samengevat: ‘Weet u wat een mens in de DDR nog het meest van al geërgerd heeft? Allemaal sloofden ze zich de hele dag uit, maar er is niets uitgekomen. Het wrijvingsverlies was er eindeloos. Je zag de warmte er wel ten hemel opstijgen, maar op aarde was daar niets van te merken.’ (Angela Merkel. ‘Mein Weg’. Ein Gespräch mit Hugo Müller-Vogg, Hoffmann und Campe, 2005).

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: